De Henley Masters Regatta
Een onderonsje voor veteranen
Na mijn succesvolle race op de Amstel leek de tijd rijp voor een poging tot een echte klassieker in stijl: de Henley Royal Regatta. Echter, het werd het kleine broertje ervan, de Henley Masters Regatta, want, zoals zo vaak, let ik niet goed op.
Het inschrijven hield in dat ook de RRV bij de BROE moest worden aangemeld. Kennelijk heeft er al enige tijd niemand van de vereniging eraan meegedaan. Gelukkig was ik op tijd, want per categorie waren er steeds maar 4 deelnemers. Voor het gemak heb ik daar een boot gehuurd, merk Kanghua, wat de hoofdsponsor bleek te zijn.
In het kader van mijn RI3 opleiding kwam ik in contact met Jeroen Brinkman en ik hoopte onder zijn leiding in 3 maanden klaar te zijn om alle weersomstandigheden het hoofd te kunnen bieden. Het werd een ontdekkingsreis naar een paar basale roeifouten die later hevig naar boven zouden komen: ik wiebel in de heupen, val over bakboord, haal rechts niet diep genoeg aan en druk niet verticaal uit. In vlak water kom je er mee weg, maar niet als het ruw wordt.
Het is altijd een flink stuk rijden, naar Engeland, met even een pauze in de treintunnel want is wat korter dan de boot. We hebben familie in Engeland, in Londen en Doncaster, dat voegde wat gewicht toe aan de hele onderneming.
De rivier is prachtig gelegen, het traject is een recht stuk in de rivier de Thames. Er zijn drie banen, met balken van elkaar gescheiden: de oproeibaan, de wedstrijdbaan, en een baan voor allerhande verkeer. De glooiende wei vol met tentjes met roeispullen en versnaperingen is een prachtig uitzicht. Een gigantische wei is gereserveerd voor de zee van auto’s en trailers. De zon scheen uitbundig, wat het geheel kleurig maakte. Zo stond er ook een tent van Crooker, en Jim was zo aardig om mij een set Arrow S39: dunne steel, licht, dubbel gekromd blad, te lenen. Ik zou een set speciaal voor mij laten bouwen mocht ik de eerste race winnen.

Ik kreeg mijn boot donderdagmiddag en het afstellen had wel wat voeten in aarde: de boot (70-85kg) was eigenlijk een maatje te groot voor mij (in de loop van mijn leven ben ik 7cm gekrompen) en voetenbord en rigger moesten maximaal naar elkaar toe. Er is dus wat voor te zeggen om je eigen boot mee te nemen. Zo ben ik donderdagmiddag, vrijdagochtend en zaterdagochtend nog even het water op geweest en lekker geroeid op vlak water. Ondanks de warmte (ons huisje had geen airco) had ik uitstekend geslapen en voelde ik me topfit (Trainingsreadiness 100%, Bodybattery 100%).

Zaterdags ben ik rond 3.15 het water opgegaan. De wind was aangetrokken, recht op de rivier richting finish en het eerst zo rustige water was nu knobbelig en had wat deining. Volgens de instructie moet je aan bakboordwal om Temple Island heen roeien, maar ik stak iets te ver door en net te laat zag ik een dubbeltwee in volle vaart precies op me af komen. Ik kon niet voorkomen dat we in elkaars riggers voeren, gelukkig zonder de boot te raken. De boeg was zo alert om, met mijn riem tegen zijn buik, mijn rigger vast te pakken, waardoor ik kans had om mijn stuurboordriem te grijpen. Ik ben niet omgeslagen, maar mijn voetenbord was door de kracht losgeschoten, en ondanks de zenuwen van de haast, de krachtige wind die de boot steeds dwars legde, lukte het me om dat weer op zijn plek te friemelen. Zo kwam ik precies op tijd bij de start.

Mijn tegenstander was de penningmeester van de organiserende UTRC, naar bleek 6 maanden ouder dan ik. De rode vlag viel en ik ging af met een perfecte start, 5 halen half bankje, vaste rug, tempo 35, vol op de benen, maar daarna het uitlengen werd een fiasco. De boot viel alle kanten op, de deining trok ‘m van links naar rechts; tot mijn frustratie kon ik geen vaart maken en liep Jerome steeds verder op me uit. Bij iedere poging om te accelereren verknoeide ik mijn uitpik.

Hoewel het aanvankelijk niet de bedoeling was om te winnen, was het toch een tegenvaller dat ik daarvoor nog de vaardigheid mis, te meer omdat ik qua kracht best op niveau ben. Enfin, het scheelde me een hoop geld want ik hoefde ook niet een overnachting bij te boeken (en riemen te kopen).

We zijn meteen doorgereden naar onze kennis bij Doncaster (daar hebben ze overigens een leuke roeivereniging met een geweldig krachthonk) om wat klusjes te doen, en mijn wonden te likken. En, natuurlijk, een bezoek aan York.
Echter, ik heb nu helder waar ik aan moet werken en een mijlpaal is het.

Roosendaalse Roeivereniging
Vlietweg 60
4703 RV Roosendaal
E-mail: siraterces.[antispam].@roosendaalserv.nl