Verslag van de Oude IJssel race door Peter Flinkenflögel
Het was deels gemakzucht om aan deze wedstrijd deel te nemen: ik kon een boot lenen van de sponsor. In mijn eentje, zonder mijn vaste maten Jurgen en Joris, met de botenwagen op pad was voor mij een brug te ver. De logistiek van deze race is ook gecompliceerd als je niet eerst de hele afstand van 12km wil oproeien. Dan moet je partner hebben die bereid is om je bij de start af te leveren en met de botenwagen bij de finish op te wachten. Oproeien heeft dan wel weer een voordeel dat je het traject hebt kunnen verkennen; dat ik dat niet heb gedaan zou me nog bezuren zoals later zou blijken
Het gedoe rond wedstrijdroeien, het reserveren van de boot, afriggeren, opladen, rijden, parkeerplek zoeken, afladen, opriggeren, vaststellen dat je een riem/bankje/sleutel/ schroefje vergeten bent, de zenuwen, angst voor aandrang op een ongelegen moment, oproeien, eindeloos wachten voor de start en niet weten waarom, maar het ergste: op driekwart van de afstand je afvragen waar je in hemelsnaam aan bent begonnen, dit alles is zeker ontmoedigend.
In mijn ervaring echter is bovengenoemde litanie niet meer dan ongemak en is even vlot vergeten als de regenbui voorafgaand aan een zonnige dag. Het weegt niet op tegen de herinnering aan de grote gebeurtenis.
Een wedstrijd heeft alle ingrediënten van een feest. Je leeft er weken naar toe en in de voorbereiding besteed je eens wat meer aandacht aan techniek, wat het roeien uiteindelijk leuker maakt, en aan je conditie, wat een investering is voor een gezonde oude dag. Het proeven van een nieuwe omgeving, de bruisende sfeer waar iedereen op zo’n dag vrolijk bezig is met van alles en nog wat, altijd open voor een praatje, ik voel me een ander mens.
De omgeving is geweldig. De race begint in Doesburg, een goed geconserveerde Hanzestad en een bezoekje de moeite waard, wat overigens ook geldt voor de finish: Doetinchem kreeg al in 1236 stadsrechten. De kleine jachthaven, waar de start is, heeft een mooie graswal waar plek is voor alle 91 boten. Het was behelpen: twee toiletten voor al die nerveuze, vaak bejaarde, roeiers die allen twee aan twee te water gingen van een klein wiebelend vlot dat speciaal hiervoor was aangevoerd. Maar, de ontvangst was warm met koffie en koek.
Het eerste deel van de race was doorbijten met golven en wind mee, want ik ben (nog?) niet in staat in zo’n situatie mijn boot te stabiliseren en raak veel golftoppen in de recovery. Daarnaast is de afstand onpeilbaar: een heel lang recht stuk, schijnbaar zonder einde, veel heftiger dan de afstand tussen de 2de en 3de brug. Op de kaart lijkt het recht, eenmaal in de boot blijken de bochten scherper en je roeit van stuurboord naar bakboord en vice versa. Het vereist regelmatig omkijken en daarbij toonde mijn nek zijn beperkingen zodat ik toch een keer in het riet terecht kwam. Op 2/3de versmalt de rivier nèt na een bocht, en voor ik dat in de gaten had en instuurde word ik gesandwiched door twee oplopende roeiers waarbij ik bijna in aanvaring kwam met een boze dame die haar PR in rook zag opgaan.
Hier wordt de begroeiing ook wilder en je krijgt meer het gevoel op een rivier te zijn. Eindelijk kwam ik een paar keer in cadans (wat een onvergetelijk geluksgevoel geeft) en heb kunnen experimenteren met mijn beentrap. Na dit prachtige stuk begint de stad, altijd kleurig, met een aantal bruggen waarop klappende mensen. Fijn om dan nog een laatje met energie open te kunnen trekken voor een eindsprint. De aankomst is op een groot grasveld midden in de stad, heerlijk.
Roosendaalse Roeivereniging
Vlietweg 60
4703 RV Roosendaal
E-mail: siraterces.[antispam].@roosendaalserv.nl